Text Post

Korte pauze

Beste lezers, 

Op dit moment ben ik even druk bezig met het klaarmaken van de circa 100 columns die ik de afgelopen jaren heb geschreven over het mediumschap. Dat is nogal een klus, dus vandaar even een soort column-pauze op deze plek. Maar wel met het vooruitzicht dat er binnenkort een mooi boek aan komt. En ook weer nieuwe columns.

Tot gauw dan ook en groet,

Janneke

Text Post

Geloof het of niet: deel 2

Wel geloven of niet geloven, maar niet iets ertussenin. Dat was een opdracht die ik kreeg. En die opdracht kwam via… een droom.

Soms heb je een droom waar je uit wakker schiet. En waarvan je meteen weet: dit is iets bijzonders, want hier wordt mij iets verteld.

Ik droomde dat ik een avond les had gegeven, maar ik wist niet of ik het goed goed had gedaan. Ik was al op weg naar huis, toen ik besloot om bevestiging te vragen. Ik stopte op een parkeerplaats met een telefooncel en wilde bellen naar huis. Ik moest er negen euro ingooien en toen ik dat had gedaan, kreeg ik alleen mijn eigen voicemail te horen. Gefrustreerd ging ik weer weg.

Ik besloot dan maar naar huis te rijden, maar toen ik van de parkeerplaats kwam, zag ik aan de borden dat ik richting Tiel ging. Tiel? Ik moest helemaal niet naar Tiel! Ik nam een afslag, op zoek naar borden richting Utrecht of Amersfoort, maar ineens reed ik tegen het verkeer in. Er werd getoeterd en geflitst, totdat ik snel de weg verliet en toen… reed ik weer richting Tiel. ‘Oke’, dacht ik. ‘Ik moet blijkbaar naar Tiel.’ Het voelde wel angstig en onzeker.

Op dat moment schrok ik wakker. Ik wist meteen dat dit een belangrijke droom was, dat-ie van de andere kant kwam en dat ik er iets mee moest. Ik moest naar Tiel. Maar waarom?

Tiel staat voor mij voor Jomanda, waar ik geen fan van ben omdat ik vind dat ze het imago van de branche geen goed heeft gedaan. Maar de andere wereld denkt niet in goede of foute mensen. De andere kant wilde me ergens toe inspireren. Wat me altijd aan Jomanda heeft geïntrigeerd is haar enorme geloof in zichzelf en haar schijnbaar onvoorwaardelijke vertrouwen in de spirituele wereld. En ik voelde het en ik wist het: het is klaar met twijfelen, ik moet ‘naar Tiel’.

Ik besloot met affirmaties te gaan werken. Drie keer per dag vijf keer tegen mezelf zeggen: ‘Ik geloof in mezelf en in de spirituele wereld.’ Het werkte. Ik was al snel minder nerveus voor spannende dingen en de mensen van de andere kant voelden dichterbij dan ooit. Geloven kan een heel krachtig middel zijn en door soms wel en soms niet te geloven, bleek ik jarenlang mijn eigen krachten ondermijnd te hebben.

Ook gebeurde er onderweg naar Tiel dingen. Er lagen hints en cadeautjes langs de kant van de weg. Mensen die me onverwachts supporterden met complimenten en tips, een onbekende die midden op de markt uit het niets tegen me zei: ‘Je kunt het.’ En op een dag ineens zomaar een speelkaart in de achtertuin: klaver 7. Ik zocht de betekenis ervan op en die bleek te zijn: ‘Je bent in goed gezelschap.’ Nou moe.

Een aanbod dat al stond en dat ineens in een versnelling kwam, was dat van uitgeverij Dodo. Zij wilden deze columns bundelen en uitgeven en dat was een grote wens van mij. De dag waarop het echt werd en we gingen praten bij de drukker en de ontwerpstudio, voelde heel spannend. Als er ergens een moment was waarop ik in mijzelf en de andere wereld moest geloven, dan was het dan wel, want daar ging men namelijk vanuit: zij schrijft een boek, dus ze gelooft in zichzelf en in die andere wereld.
‘Klopt het nog?’, stuurde ik naar boven als vraag. ‘Is het boek wel goed genoeg? En heb ik wel correct over jullie geschreven?’

Het antwoord kwam thuis, toen ik naar de site van uitgeverij Dodo ging. Ik klikte hier en ik las wat daar en ineens zag ik het ergens staan. ‘Onze logistieke dienstverlener is Krijgsman public warehousing. Hier slaan wij al onze boeken op. Dit bedrijf is gevestigd in Tiel.’

De spirituele wereld is een enorm intelligente wereld. Een wereld vol liefde en compassie en een wereld die ons graag bijstaat en inspireert. Die inspiratie, steun en liefde is er voor ons allemaal. De mate waarin wij het toe kunnen laten, wordt bepaald door onze kennis van en ons geloof in die wereld. Ik kan het nu wel zeggen: ik geloof. Ik geloof dat wat ik meemaak in mijn werk en wat ik in deze columns heb beschreven, dat dat niet alleen voor mij bedoeld was. Ik geloof dat ‘ze’ graag wilden dat ik het met u zou delen, zodat u ‘geïnspireerd’ zou worden. En ik hoop dat dat gelukt is. Dat u (weer) een stukje van die andere wereld heeft kunnen zien en dat het u geraakt heeft. Wij zijn geen aardse wezens op zoek naar het spirituele, maar spirituele wezens die het aardse ervaren. Graag met twee voeten op de grond, maar ook met het besef van waar we vandaan komen. En met de prettige gedachte: we doen het niet alleen.

Text Post

Geloof het of niet

“Het lijkt me wel fijn om net zoals jij zo’n rotsvast vertrouwen te hebben in de andere wereld”, zei laatst iemand tegen me. Rotsvastvertrouwen? Moi? Ze moesten eens weten.

Ik ben altijd een ongelovig iemand geweest. ‘Eerst zien, dan geloven’ was en deels is mijn motto. Ik herinner me nog een felle discussie tijdens mijn studententijd waarbij ik niet kon geloven dat iemand in God was gaan geloven. Hoe kon ze haar leven leggen in handen van iets of iemand die je niet kon zien? Dus letterlijk: eerst zien, dan geloven.

En toch trok het spirituele me ergens ook. Ik las er wel eens over en ik bezocht wel eens een avond. Maar meestal was het zweefgehalte me toch te hoog.

Het was in 1994 toen ik met een vreemd probleem zat. Ik had namelijk ‘last’ van iemand met wie ik geen contact meer had. Dat werkte zo: ik voelde het wanneer zij aan mij dacht en ook wanneer er weer een brief of telefoontje van die persoon aankwam. Het was raadselachtig, maar ook heel vervelend en onrustig, want ik wilde niet voor niets geen contact meer met die persoon en nou was ik er nog niet van af. Waar moest ik heen met dit probleem?

Ik besloot om het spirituele circuit een kans te geven. Ik bezocht van alles op dat vlak. Kaartleggers, handlezers, een paragnost. Ik had alleen één regel: ik vertel niks, dat moeten zij maar doen. Eerst zien, dan geloven.

Men vertelde me van alles, maar niemand bracht het probleem aan het licht. Op één na. Een medium. Zij zei meteen: “Jij hebt last van iemand. Ze laat je maar niet gaan. Het voelt heel onrustig en je moet op zoek naar een manier om ervan af te komen.” Ik was verbijsterd; dit kon ze niet weten en ze wist het toch. Dit was zien en dus geloven.
Ze wist me ook nog advies te geven over wat ik kon doen.
“Jullie zitten energetisch nog verbonden”, zei ze. “Diezelfde verbinding kun je gebruiken om haar duidelijk te maken dat je dit niet wilt.” Ze legde me ook uit hoe, maar dit stuk klonk me dan weer te vaag. Energetisch verbonden? Hoe moest ik dat dan zien?

Maar goed, de onrust bleef voortduren, dus ik kon eigenlijk niet anders dan haar raad op te volgen. En op een avond besloot ik ‘de handeling van het via energetische weg verbreken van de verbinding’ dan toch maar uit te voeren. En verdomd zeg: daarna hield het op. De onrust, de slapeloosheid, de angsten, maar ook: het stalken. Het werd stil. Dat was toch wel erg sterk.

Het medium heb ik nog vaak opgezocht. Hele avonden spraken we en zij was het die me veel vertelde over de spirituele wereld. Die verhalen ontving ik op twee manieren. Enerzijds was er weer mijn scepsis, want het klonk allemaal wel erg mooi en wie zei me dat het klopte? Anderzijds voelde ik na die avonden altijd weer hoe er iets in me geraakt was. Als een snaar die nog dagen natrilde. Het leek haast wel of een deel van me lang in een soort slaap was geweest en nu, door deze ontmoetingen, langzaamaan ontwaakte.

Het was dit medium dat me ook aanmoedigde om een opleiding richting mediumschap te gaan volgen. Ze wist me ook nog te vertellen waar ik dat het beste kon doen. Ik volgde haar advies op en bracht zo, zonder het toen al te beseffen, een grote wending in mijn leven aan. Maar het was niet alleen leuk. Want waar ik vreselijk mee worstelde, was (wederom) het diepe geloof, in mezelf en in die andere werld. Mijn mede-studenten beweerden van alles, ‘hoorden’ van alles, geloofden van alles. Mensen die spraken met engelen, mensen die de naam van hun gids kenden. En ik bleef steeds maar denken: ‘Ja ja, eerst zien, dan geloven.’

Zo ontwikkelde ik me tot een extreem nuchter medium. Een medium dat zich daardoor aarzelend ontwikkelde, want geloof in wat je doet en in de andere kant, zijn wezenlijke onderdelen van het mediumschap. Maar ik bleef het me afvragen: klopt het nou allemaal wel? Is het niet één grote fantasie allemaal? Vaak gebeurde er dan kort daarna weer iets waardoor ik wel moest geloven. Zo ging het lange tijd en misschien had het nog veel langer zo kunnen gaan. Maar op een dag kwam er een heel duidelijk signaal. 
Ik moest nu echt gaan kiezen.
Wel geloven, of niet geloven.
Maar niet iets ertussenin. 

(Geloof het of niet: volgende week deel 2.) 

Text Post

Een vliegtuigje

Soms kom ik mensen tegen in mijn praktijk waarvan ik denk: jij bent één van ons. Eén van ‘de gevoeligen’ die daar ook iets mee zou kunnen doen en misschien ook wel zou moeten doen. Dat hoeft niet per se als medium. Maar het zou mooi zijn als zo iemand die gevoelige aanleg zou kunnen toepassen in werk waar gevoeligheid nodig is.

Pieter is zo iemand. Al jaren komt hij eens in de zoveel tijd langs. Als medewerker bij de douane, gebruikt hij zijn gevoeligheid wel, maar moet zich ook heel hard opstellen. En dat lukt Pieter steeds minder goed.
“Ik vind aan de ene kant die gevoeligheid best heel mooi. Maar aan de andere kant ben ik bang dat ik dit werk niet kan blijven doen.”

Pieter weet ook wat hij wel zou willen doen. Vroeger heeft hij honden getraind en als hobby is hij daar altijd mee bezig gebleven. Eigenlijk wil hij die kant weer op. Maar het aantal banen in die sector is zeer beperkt, dus het wil nog niet erg lukken. En deze situatie maakt Pieter depressief. Zo erg zelfs dat hij op het punt staat om zich ziek te melden.

Ik heb de verandering bij Pieter langzaam op zien treden. Steeds gevoeliger werd hij, steeds meer ging hij op zoek naar een manier om daar uitdrukking aan te geven. Privé ging dat goed, maar in zijn werk blijkt het een stuk moeilijker.
Mijn rol was tot nu toe om hem te ondersteunen, uitleg te geven van wat er aan het gebeuren was en hem aan te moedigen. Maar nu heb ik het idee dat hij aan het vastlopen is en dat dat niet goed is. En eerlijk gezegd weet ik even niet hoe ik hem verder kan helpen.

“Mediteer je nog?”, vraag ik. Want dat heb ik hem altijd aangeraden. Mediteren is sowieso goed, voor iedereen. Maar voor ‘de gevoeligen die daar iets mee zouden kunnen doen’ is het een kans voor de andere wereld om ze steun en advies te geven.
“Nee”, zegt Pieter. “Ik heb nergens meer zin in. Ook niet in mediteren.”
“Dan gaan we dat nu even samen doen”, besluit ik.
Hij vindt het goed.

Ik praat hem in ontspanning. En dan naar de kern van zichzelf. En vandaaruit naar de andere wereld. Ik vertel hem dat daar iemand op hem staat te wachten die hem wil helpen.
“Vraag deze persoon om je iets te geven. Een voorwerp dat je vertelt wat je nu nodig hebt om verder te komen.”

Ik zie aan Pieter dat hij ‘daar is’. Ik zie het aan zijn lichaamshouding. Ik voel het aan de emotie en aan de energie in de ruimte die verandert. De beide werelden lopen als het ware een beetje in elkaar over.
Als ik voel dat het goed is, praat ik Pieter weer naar ‘hier’. Het kost hem duidelijk moeite om met zijn aandacht terug te keren naar de praktijkruimte en om zijn ogen weer te openen.
“Hoe was de ontmoeting?”, vraag ik.
“Prachtig”, zegt Pieter.
“En wat heb je gekregen?”, vraag ik.
“Een vliegtuigje dat ik vroeger had”, zegt Pieter. Hij knikt even besluitvaardig. “En ik weet precies wat ze ermee bedoelen.”

Hij vertelt dat hij een aanbieding heeft gehad van een vriend en oud-collega om in Australië een bepaalde hondentrainers-cursus te volgen die hem hier in Nederland meer kansen op een baan zou geven. Tot nu toe had hij die aanbieding afgewezen. Door zijn depressiviteit, maar ook omdat hij vliegangst heeft.

“Die vliegangst is pas later gekomen. Als kind vond ik vliegtuigen juist prachtig. Daaraan herinnerden ze me met dat vliegtuigje, want dat heb ik als kind gehad van mijn oom waar ik ook vliegtuigen mee ging spotten”, zegt hij. “Oh!”, bedenkt hij zich ineens met een schok. “Die oom werkte ook met honden!”

Kijk, dat is de spirituele wereld. Met één beeld vol symboliek iemand zo diep kunnen raken, dat zijn of haar blik op de situatie op slag verandert. Wat een kracht, wat een creativiteit en wat een intelligentie!

Pieter heeft een ticket gekocht. Na zes weken intensieve cursus kwam hij terug met zijn certificaat en… vond een baan als hondentrainer. Hij blij, ik blij, honden blij en nog iemand, in een hele andere dimensie. Iemand die het tijd vond dat Pieter meer met zijn gevoeligheid zou gaan werken. 

Text Post

Het bouwen van de brug

Het mediumschap wordt grofweg in twee soorten opgesplitst: mentaal mediumschap en fysiek mediumschap. Dat laatste manifesteert zich vaak tijdens de zogenaamde ‘séances’ en kan heel spectaculair zijn, maar het komt helaas veel minder voor dan pakweg een halve eeuw geleden. Toch mocht ik het afgelopen week ervaren.

Het Britse fysieke medium Scott Milligan is pas 29 jaar en houdt zich sinds zijn zestiende fanatiek bezig met fysiek mediumschap. Dat houdt in dat hij heeft geleerd in trance te gaan en ook de diverse gradaties van trance te ervaren. Wanneer hij in de trance-staat verkeert, kan de spirituele wereld via hem zich laten zien, horen en voelen. En dat is het bijzondere van fysiek mediumschap: het brengt de andere wereld ineens heel dichtbij.

Ik geloof dat dat belangrijk is. Ik geloof namelijk dat er gebouwd wordt aan een brug tussen de andere wereld en de onze. Dat we langzaam maar zeker toenadering tot elkaar zoeken. En dat ervaringen als deze daar een belangrijke bijdrage aan leveren.

Afijn, vorige week kon ik dan eindelijk een demonstratie van Scott gaan beleven. De avond zou plaatsvinden aan de hand van strenge regels, zowel voor Scott als voor de gasten. Scott legde daar van tevoren het een en ander over uit. Hij vertelde dat de spirituele wereld waarschijnlijk dingen zou gaan laten bewegen en geluid zou gaan laten horen. En ook dat hij tot op heden nog in het donker werkt, maar dat zijn doel is om dat ook met licht te kunnen gaan doen. Om zeker te weten dat alles wat er zou gebeuren ook echt van de spirituele wereld afkomstig was, liet hij zich vastbinden in zijn stoel. Ook moesten we in een kring gaan zitten en elkaars handen vasthouden, de hele avond. Zo zouden we weten dat niemand iets zou uithalen in het donker.

We mochten de kamer van tevoren onderzoeken, wat ik ook deed. Maar ik zag geen snoeren of mensen of wat dan ook. Scott nam plaats in een kabinet, een soort kast. Die is bedoeld om de energie die hij opbouwt in zijn trance-staat, te condenseren. Op de grond lagen twee zogenaamde ‘trumpets’, een soort aluminium toeters, waardoor de spirituele wereld zich kan laten horen en ook nog wat trommels, fluiten en een tamboerijn. ‘Het zal mij benieuwen’, dacht ik.

De avond begon. We pakten elkaars handen vast en het licht ging uit. De ruimte was verduisterd, zodat het enige wat we zagen het licht was van de fosforiscerende strip die om de trumpets heen zat. Dat licht hield ik scherp in de gaten, want mogelijk zouden de trumpets gaan bewegen! De algehele stemming in de kamer was behoorlijk opgewonden. En dat werd nog meer toen de muziek aan ging: Abba, Queen, Tina Turner. Allemaal lekkere nummers waarvan ons was gevraagd om vooral mee te zingen.

Samen zingen heeft een bijzonder effect. Je stemt je heel erg op elkaar af en ik durf dan ook te beweren dat samen zingen iets heel spiritueels is. Je voelde het ook gebeuren in die donkere ruimte: we werden één. Dat was een bijzonder gevoel en ik dacht: ‘Als er niks gebeurt, heb ik toch een leuke avond’. De sfeer bouwde zich op en daarmee de energie. En tijdens de inzet van het tweede nummer – Don’t stop me now van Queen – leek de spirituele wereld te reageren op die tekst en op ons enthousiasme. Want vanuit het niets gebeurde het: de instrumenten die op de grond lagen, begonnen te spelen. Trommels te slaan, fluiten te fluiten! Er suisde iets langs me, wat een kussen bleek te zijn dat tegen mijn overbuurvrouw aanvloog.

En toen, ineens, schoot het licht van de trumpet omhoog. Met een rare beweging vloog hij ineens van links naar recht en bleef toen hangen, recht voor mijn buurman aan de rechterkant.

Ik was verbijsterd. En ondanks dat ik wist dat dit kon gebeuren, zochten mijn hersens naarstig naar een verklaring. Liep er dan toch iemand rond? Maar wie maakte dan al die muziek? En die bewegingen van het licht van de trumpet, die waren ‘onaards’, om het zo maar te noemen. Ook schoven er voorwerpen over mijn voeten en kwamen er windvlagen van alle kanten. Soms werd mijn hoofd aangeraakt en een keer heel duidelijk mijn nek, terwijl vlak achter mij een muur was!

Er gebeurde nog veel meer, waarover misschien een andere keer meer. Maar deze eerste kennismaking met deze vorm van fysiek mediumschap, heeft een flinke indruk op me gemaakt. Bovendien was ik verbaasd over mijn reactie op datgene wat er gebeurde. Ik geloof in de spirituele wereld en in de mogelijkheid die te kunnen ervaren, op welke manier dan ook. Ik werk met deze wereld, al jaren. En ik voelde ook heel sterk de aanwezigheid van die wereld tijdens deze avond. En toch: mijn hersens protesteerden. Ze konden er niet mee omgaan. Geloof en ratio raakten weer met elkaar in discussie. Zelfs bij mij.

De brug tussen beide werelden is nog lang niet af.
En het bouwen van een brug is ook een ingewikkeld iets. 
Techniek, inzet, geduld en vertrouwen in de andere kant zijn ervoor nodig.
Maar: er wordt aan gewerkt.
En daar gaat het om. 

 

 

 

 

Text Post

Energiewetten

“Als het even stil is, dan mag ik blijkbaar uitrusten.” Ik moet altijd erg lachen als deze woorden van mediumcollega Carmen weer in me opkomen. Omdat ze uitgaan van iets, van een systeem, waarvan ik hoop dat het ook echt zo werkt. Maar of ik erop durf te vertrouwen is een tweede.

Iedere freelancer of ZZP-er kent het: stille tijden, drukke tijden. Als het druk is, verlang je naar de rust. En als het rustig is, is er die neiging om in paniek te raken en te denken: ‘Help, als er maar weer iets komt!’ Als je terugkijkt, over de jaren, dan moet je vaststellen dat het eigenlijk altijd weer goed kwam. Tenminste, in de meeste gevallen.

Voordat ik werkte als medium, was ik jarenlang freelance-redacteur. Ik werkte voor verschillende bladen en reisde van redactie naar redactie. Een dagje eindredactie hier, een paar weken vervanging op de tekstredactie daar. Dan weer een artikeltje en dan weer een interview. Ik voelde me wel eens een rondreizend circus, maar het beviel me prima. Het had wel iets onzekers en onrustigs en daar moet je het type voor zijn.

Dat was Fenna duidelijk niet. Ze was gaan freelancen omdat de afwisseling haar leuk leek. Die beviel haar dan ook prima, maar de onzekerheid, daar kon ze niet tegen.
“Ben jij nooit bang dat het op een dag gewoon ophoudt? Dat er ineens geen werk meer binnenkomt?”, vroeg ze me eens.
Nee, dat had ik niet. Ik vertrouwde er altijd wel op dat er wel weer wat kwam. Fenna had dat vertrouwen niet en… dat had een bepaald effect. Telkens als ze even zonder werk zat, raakte ze vreselijk in de stress. Daarmee creëerde ze een negatieve sfeer om zich heen, een soort zwarte wolk, om het zo maar te visualiseren. En die ‘zwarte wolk’ brak haar uiteindelijk op. Want Fenna’s angst begon werkelijkheid te worden. Steeds minder opdrachten kwamen binnen en uiteindelijk besloot ze te stoppen met freelancen.

Ik nam dit van een afstand waar en schrok ervan. Tot die tijd had ik er nooit zo bij stilgestaan hoe dit werkte. Werk kwam altijd vanzelf en daar was ik maar op gaan vertrouwen. Maar blijkbaar kon je iets verkeerd doen, iets waardoor je dit kon dwarsbomen. Door negativiteit uit te zenden, kon je ‘Het Systeem’ blokkeren. De les was dus: blijf altijd positief.

Ik maakte de overstap van redacteur naar medium en toen hoorde ik die uitspraak van collega Carmen. Dat gaf nog een extra laag aan de theorie van ‘Het Systeem’. Als haar opmerking klopte, dan zou dat betekenen dat periodes van stilte juist de bedoeling waren. Ik vond het een leuke uitspraak, maar of ik er ook echt in kon geloven….

De test kreeg ik de afgelopen drie weken. Ineens, van het ene moment op het andere, werd het heel stil in de praktijk. De telefoon ging niet meer en ook per mail meldde zich geen klanten. ‘Vreemd’, was mijn eerste gedachte. ‘Help!’, was de volgende. Maar toen zag ik Fenna voor me en dacht: niet stressen, blijf positief. Daarna dacht ik aan Carmens uitspraak van dat uitrusten. Dat sneed wel hout op dat moment, want ik was eigenlijk ont-zet-tend moe. Ik had een bijholte- en keelontsteking die maar niet overgingen. En ineens dacht ik: ik moet uitrusten!

Even verzette ik me daar nog tegen, maar de vermoeidheid won het toch en gedurende twee weken sliep ik veel, ook vaak overdag. Ik leek wel een bejaarde en ik begreep er niets van, maar ik gaf er toch maar gewoon aan toe. Afgelopen maandag dacht ik voor het eerst: ‘Ik ben er geloof ik weer.’

De volgende dag, geloof het of niet, begon men weer te bellen. En te mailen en te sms-en. Kortom: het is weer druk in de praktijk en daar ben ik heel blij mee. Maar ook heel blij ben ik met de uitslag van de test. Want ook deze ‘energie-wet’ lijkt dus waar te zijn: als het stil is, dan mag je blijkbaar even uitrusten.

Text Post

Precies wat wij nodig hebben

Healing mediums en mentale mediums zijn twee verschillende soorten. Maar tegelijkertijd werken we met dezelfde bron: de spirituele wereld. En die weet precies wat wij nodig hebben. Ook en juist in deze economisch sombere tijden.

“Ik vond het jammer dat mijn moeder vanavond niet is doorgekomen. Maar ja, mijn hoofdpijn is in elk geval wel weg.” Dat zegt een vrouw die na afloop van een demonstratie-avond naar me toe is gekomen. Ik praat even met haar over het feit dat haar moeder niet doorkwam. Vaak denken mensen dat dat betekent dat hun dierbare er ook niet was, terwijl dat helemaal niet zo hoeft te zijn.
“Er zijn er heel veel die op zo’n avond als deze door willen komen en we proberen zoveel mogelijk contacten te maken, maar we hebben maar tijd voor een aantal mensen”, zeg ik.
De vrouw begrijpt het.
“Nou ja, mijn hoofdpijn is in elk geval wel weg”, zegt ze weer en ze neemt afscheid.

Die laatste opmerking vind ik opvallend. En er schiet me iets te binnen wat een collega van me ooit zei: ‘Mediumschap is altijd helend. Want met het contact dat je maakt, komt er ook altijd energie mee vanuit de spirituele wereld en die energie is helend.’ Daar lijkt dit wel een voorbeeld van te zijn. Al kunnen we niet zien hoe het werkt.

Eigenlijk verwacht je healing alleen van een healing medium. Dat is een medium dat zich niet met woorden werkt, zoals ik, maar dat eigenlijk puur een kanaal is voor energie vanaf de andere kant. Wanneer er een cliënt komt, hoeft die niet te vertellen wat er aan de hand is. Het healing medium stemt zich af op de spirituele wereld en laat, meestal via een hand op de rug van de cliënt, energie stromen naar de plek waar het nodig is. Hij of zij is niet bezig met wat de cliënt mankeert, maar is zich wel bewust van waar de energie naartoe gaat en wat er gebeurt. Achteraf wordt daar vaak ook nog even over gesproken.

Healing mediums en ‘mentale’ mediums (zoals mijn categorie wordt genoemd) zijn dus twee heel verschillende soorten. De eerste werkt meer passief en de tweede juist heel actief. Je voelt ook het verschil als je in een ruimte komt waar ze werken. Waar geheald wordt is de sfeer heel kalm, terwijl in de ruimte waar een mentaal medium werkt vaak juist een soort opwinding voelbaar is.

Een paar keer per jaar, organiseer ik een avond waarbij beide soorten mediumschap samenkomen. Ikzelf maak dan contacten met overleden dierbaren van de mensen in de zaal en ondertussen is de hele avond een team van healing mediums aanwezig om mensen doorlopend healings te geven. De twee energiestromen lopen dan door elkaar, wat de eerste keer wel spannend was. Zouden we geen last krijgen van elkaar? Maar dat bleek gelukkig niet het geval. Sterker nog: we bleken elkaars werk te versterken! Een vrouw die erg worstelde met zichzelf sinds het overlijden van haar man, kreeg eerst via mij een contact met hem. Dat gaf haar troost, vertelde ze in de pauze. Na de pauze kreeg ze een healing en ze voelde toen hoe er heel veel energie naar haar benen stroomde. “Voor het eerst sinds mijn man’s overlijden kreeg ik weer het gevoel dat ik stevig met mijn voeten op de grond stond. Dat gevoel is ook niet meer weggegaan”, liet ze ons later weten. Dat was bijzonder om te horen, want daaraan zagen we dat wij niet zozeer samenwerkten, maar dat de spirituele wereld weer eens liet zien hoe intelligent die is, want daar vond natuurlijk de echte samenwerking plaats. Wij zijn slechts de kanalen waarlangs het kon gebeuren.

Komende vrijdag is er weer zo’n avond waarin de twee disciplines samenkomen. Hij zal in het teken zal staan van Positiviteit (met een hele grote P). De economische crisis en alle nare berichten daarover in de media, heeft zijn weerslag op de mensen. Ik weet niet hoe u het ervaart, maar ik vind de algehele sfeer behoorlijk ‘wèh’. En ik wil tijdens deze avond graag laten zien dat we ook nog een andere kant hebben die niet over geld gaat. Een spirituele kant. En dat de spirituele wereld ons altijd hoop kan en wil geven. Omdat het die wereld is die bepaalt wie er doorkomen en wat eenieder zal ontvangen, is het voor ons ook altijd weer spannend wat er zal gaan gebeuren. Wilt u het ook weten en beleven? Er zijn nog een paar kaartjes verkrijgbaar. Misschien ontvangt u net die paar woorden die u weer meer hoop geven voor de toekomst. Of misschien gaat uw hoofdpijn wel weg.

Voor meer info zie www.jannekeleber.nl

Text Post

Gewoon op vertrouwen

Vertrouwen is een mooi iets. Tenminste, als het lukt. Want vertrouwen voelt toch vaak als leunen op iets waarvan je niet zeker weet of dat wel kan. Bij een medium is dat ‘iets’ je intuïtie, want daar werken wij mee. En hoezeer we het ook getraind hebben en hoe vaak we er ook mee werken, toch is het niet altijd makkelijk om erop te vertrouwen. Want wie zegt je dat het klopt?

Persoonlijk voel ik vaak nog spanning en twijfel voor een consult. Zal het me lukken? Zal ik goed zien wat de cliënt nodig heeft? Zal ik weten met wie diegene contact wil in de spirituele wereld en zal ik dat contact goed kunnen leggen? Het is geen prettig gevoel, die twijfel, maar ik heb me er maar bij neergelegd dat het erbij hoort. Bovendien ben ik ervan overtuigd dat het je scherp houdt.

Het is een woensdagochtend als ik weer eens loop te ijsberen door de praktijk vanwege het consult dat over tien minuten zal beginnen. Van de cliënte weet ik alleen haar voornaam en die luidt Merel. En hoewel ik erop zou moeten vertrouwen dat straks, als ze binnenkomt, de informatie vanzelf gaat stromen, zoek ik toch wat zekerheid in het trekken van een kaart terwijl ik me concentreer op haar naam. Het wordt Singing and Dancing, en hij gaat over het belang daarvan. Ik schud mijn hoofd. ‘Haha, Merel moet meer zingen’, zeg ik. ‘Nou, daar kunnen we wat mee.’

In een tweede poging om toch alvast ‘iets’ te weten, schiet me een oefening te binnen die ik ooit geleerd heb: je concentreert je op iemand en dan laat je een liedje in je opkomen. Op die manier kan je intuïtie iets belangrijks vertellen over die persoon, want een liedje vertelt vaak een heleboel.

Ik concentreer me eerste even op de stilte en laat dan, met Merels naam in mijn hoofd, een liedje in me opkomen uit mijn onderbewustzijn. Want zo werkt intuïtie: het haalt informatie omhoog uit die enorme databank die nu relevant kan zijn. Het wordt: ‘Killing me softly’ van Aretha Franklin. Kijk, dat gaat ergens over. Ik laat de tekst door mijn hoofd gaan, voor zover ik hem ken, en ik kijk welke regels me het meest raken. Eigenlijk zijn dat alleen de titelwoorden: killing me softly. Met het beeld van een man erbij. En ik voel: hier gaat het over. Dit stelt me wel gerust.

De bel gaat en Merel arriveert. We maken kennis en ze hangt haar jas op. Ze komt op me over als een sterke vrouw. Niet als iemand die bezig is langzaam gesmoord te worden in een relatie. En dus besluit ik het killing me softly maar even te laten. Let op: ik vertrouw dus blijkbaar niet op deze informatie!

Merel wil een reading over zichzelf. Ik vertel dat ik voel dat ze erg gespannen is, niet alleen nu, maar eigenlijk permanent. Dat begint ook effect te hebben op haar werk. Merel knikt. Als apothekersassistente mag ze geen fouten maken, maar ze is al twee keer door collega’s gecorrigeerd en dat baart haar zorgen. De spanning heeft ook allerlei andere consequenties, zoals slecht slapen en in haar geval ook: slecht eten. Ja, het klopt allemaal, maar daar heeft Merel niet zoveel aan. Ik voel dat ik op zoek moet naar de oorzaak van de spanning en ik zoek en ik zoek, maar ik zie het gewoon niet. Wel heb ik last van Aretha Franklin in mijn hoofd die dwars door alles heen zeurt: killing me soooooftly…

Ik besluit aan Merel te vragen waar de bron is van de spanning. Dat is natuurlijk niet goed, want het is aan mij om het te zien/voelen/weten, maar ik vind dat het nu tijd wordt om naar de oplossing te gaan en dat kan toch pas als we de oorzaak weten.
“Nou”, zegt Merel. “Ik heb een relatie…”
“Stop!”, zeg ik. “Niks zeggen. Dit had ik moeten weten!” En zeg dat ze in een relatie zit met iemand die heel veel van haar houdt, maar die haar ook langzaam verstikt.
Merel slikt en knikt. Ja, dat klopt.
En nu, nu ik dan toch vertrouw op het ‘killing me softly’, komen ook de plaatjes die ik zocht. Haar vriend is inderdaad dol op haar, maar op een bezitterige manier. Zo wil hij onder andere niet dat Merel doet waar ze zo dol op is: zingen en dansen, want hij is bang dat ze daar andere mannen mee aantrekt. En zo voelt Merel zich steeds meer afgesneden van zichzelf. Ik pak de kaart erbij: Singing and Dancing.

Intuïtie.
Je kunt het negeren.
Je kunt je erover verbazen.
Maar de ervaring leert dat je er het beste maar gewoon op kunt vertrouwen.

 

 

Text Post

Timing is everything

“Ik had je visitekaartje al twee jaar in mijn portemonnee zitten”, zegt Ellen na afloop van het consult. “En nu dacht ik ineens: ‘Ik ga bellen.’”
“Dan was dit het juiste moment”, stel ik vast.
“Ik ga een vriendin van mij een consult bij jou cadeau doen”, zegt Ellen ineens stellig. “En daar maak ik meteen een afspraak voor met jou.”
Ze pakt haar agenda.
“Nou…”, zeg ik. “Ik stel toch voor dat we dat anders doen.”

Het kan namelijk niet: een afspraak voor een ander maken. Ja, het kan wel, maar het werkt niet. Zoals Ellen twee jaar had gewacht voordat ze voelde dat dit het juiste moment was, zo moet het gaan. Iemand moet toegroeien naar een consult. Zo gevoelig ligt dat en dat voelen mensen ook eigenlijk altijd haarfijn aan bij zichzelf. Ze komen nooit te laat en ook nooit te vroeg, maar altijd op het moment dat ze klaar zijn om te ontvangen.

En dat gaat fout wanneer een ander zich ermee bemoeit. Zo werd ik eens gebeld door een vrouw die haar man een consult cadeau wilde doen voor zijn verjaardag. Ik reageerde nog vrolijk over de telefoon.
“Moet ik dan ook uit een taart springen?”
Nee, dat hoefde niet. Zij maakte gewoon de afspraak en dan zou die man naar mij toekomen. Vanaf dat punt kreeg ik mijn bedenkingen, maar ik ging toch akkoord en op de dag van de afspraak, kwam die man. Maar vraag niet hoe. Aan de manier waarop hij de trap op kwam lopen hoorde ik het al: hij wilde dit helemaal niet. Hij kwam niet om dat hij dat wilde, maar omdat zij dat wilde. En dus werd het een moeizaam consult, want hij vond het eigenlijk allemaal niks. Wat ik ook zei, hij schudde zijn hoofd. Ik kon net zo goed tegen een muur praten. En dat durfde ik dan weer niet te zeggen, want ik vreesde dat dat precies de reden was dat zijn vrouw hem een consult wilde geven. Ze wilde hem veranderen. En zo werkt het dus niet. Ook niet via een medium.

Zo gingen we het dus niet meer doen. Maar ja, hoe dan wel? Want het verzoek om een cadeau-consulten bleef regelmatig langskomen. Sowieso probeer ik eerst in te schatten hoe het zit. Vaak gunnen mensen die heel tevreden zijn over hun eigen consult hetzelfde aan een ander. Dat is prima, alleen is geen consult hetzelfde, dus dat bespreek ik dan wel even van tevoren. Dan is er nog de categorie van mensen die eigenlijk zelf graag willen komen, maar niet durven en dus een ander als proefkonijn vooruit sturen onder het mom van ‘cadeautje’. Heel slim, maar in zo’n geval stel ik toch voor dat ze samen komen.

En dan is er nog de groep waar helemaal niks achter zit, maar die gewoon iemand eens wat anders voor hun verjaardag willen geven. En dat is prachtig. Alleen stel ik wel als voorwaarde dat de ontvanger zelf belt en zelf bepaalt wanneer hij of zij dat doet. Zo kan die persoon zelf voelen wanneer het moment daar is en dat is dus het belangrijkste. Sinds ik die regel heb ingevoerd, werkt het prima.

Ellen begreep dat overigens heel goed. En dus nam ook zij weer een kaartje van me mee om dat aan haar vriendin te geven. Misschien draagt die het ook weer twee jaar mee in haar portemonnee, maar dat geeft niet. Wat in het vat zit, verzuurt niet. En timing is everything.

 

 

Text Post

Komt de vriend van Klaartje terug?

“Komt mijn vriend bij me terug?”, vraagt Klaartje.
“Ik zou het niet weten”, zeg ik.

“Maar jij bent toch een medium”, stelt Klaartje vast. “Jij kunt toch in de toekomst kijken?”
In de toekomst kijken; altijd een lastig issue.

Persoonlijk denk ik dat mediums zich niet moeten laten verleiden tot het voorspellen van de toekomst. Ik denk dat het niet kan en dat als het wel zou kunnen, dat het dan nog niet goed zou zijn. Het zou luie mensen creëren. Mensen die hun leven niet meer leven, maar die gaan zitten wachten tot voorspellingen uitkomen. Tot ze rijk worden, een nieuwe baan krijgen en tot hun vriend weer terugkomt. En zo is het leven niet bedoeld! Het is een aardse stage waarin je hopelijk zoveel mogelijk leert. En leren doe je door te onderzoeken, door uit te proberen en niet door af te wachten.

“Maar het kán toch?”, zegt Klaartje. “De toekomst ligt toch vast?”
“Dat zou wat wezen”, zeg ik. “Dan zou het leven dus een soort invuloefening zijn. Dat is het gelukkig niet, want mensen hebben een vrije wil. Die is wel altijd gebaseerd op keuzes, dus dat is een beperking. Maar in principe kun je iedere dag besluiten om het helemaal anders te gaan doen.”

“En astrologie dan?”, werpt Klaartje tegen. “Astrologen zeggen toch dat ze aan de hand van de stand van de sterren de toekomst kunnen voorspellen?”
Tja, daar heeft ze een punt. Persoonlijk weet ik te weinig van astrologie om daar iets zinnigs over te zeggen. Maar los daarvan zijn er natuurlijk natuurwetten en patronenen die voorspelbaar zijn. Na regen komt zonneschijn. Na de zomer, wordt het herfst. Na een crisis, komen er weer betere tijden. Dus zo bezien lijkt het erop dat het leven een soort mix is van vaste patronen (die dus eventueel voorspelbaar zouden kunnen zijn) en onvoorspelbare aspecten, zoals het wel of niet terugkomen van de vriend van Klaartje.

“Wat ik wel doe”, zeg ik. “Is kijken naar de potentie van de situatie. Dus ik kan kijken waarom je vriend is weggegaan en wat er eventueel voor nodig zou zijn om jullie weer bij elkaar te krijgen.”
Dat vindt Klaartje goed. Ik kijk en het blijkt om een zeer complexe relatie te gaan waar hard aan gewerkt moet worden. Iets wat Klaartje wel wil, maar haar vriend liever niet. En zo is, zonder te ‘voorspellen’ toch wel een richting aan te geven waar dit voorlopig naartoe lijkt te gaan.
“Maar nogmaals”, zeg ik. “Mensen kunnen veranderen. Er kan iets gebeuren waardoor je vriend van gedachten verandert. De vraag is meer: wil jij daar op wachten?”
Het is niet het antwoord dat Klaartje wil.
Wel een realistisch antwoord.

In Engeland, waar het mediumschap een meer erkend beroep is en dus meer aan regels gebonden, is het voorspellen van de toekomst door mediums officieel verboden. Dat heeft een reden. Soms zie je dat mensen extreem veel waarde hechten aan de woorden van een medium en dat ze hun eigen gezonde verstand en verantwoordelijkheid daarmee uit handen geven en verkeerde beslissingen nemen. Dus in Engeland is besloten: geen toekomst-voorspellingen meer.

Aan de andere kant herinner ik me een consult waarin ik ‘zag’ dat een vrouw die op dat moment in scheiding lag, naar Afrika zou vertrekken voor ontwikkelingshulp. Ik zag ook (maar dan gewoon recht voor mijn neus) de verbazing toen ik dat tegen die vrouw zei. Zij wilde gewoon haar leven weer opbouwen, weer zekerheid terugkrijgen, in Nederland. ‘Dan zal ik er wel naast zitten’, zei ik geschrokken. En ik dacht: ‘Wat een belachelijke voorspelling; waarom zei ik dat!’ Een paar maanden later kwam die vrouw naar me toe tijdens een huiskameravond: “Je voorspelling is uitgekomen. Ik ben benaderd om ontwikkelingswerk te gaan doen en ik ga nu een paar keer per jaar naar Nigeria. Ik vind het fantastisch en ik weet niet of ik het had aangedurfd als jij er niks over had gezegd.”

Ik was verbijsterd. Maar ik zag ook in dat het voorspellen van de toekomst hier een doel had gehad. En zo kwam we weer terug bij waar het om draait. Niet: u vraagt wij draaien, maar: goed voelen wat het beste is voor de klant. In alle nederigheid. En met de bedoeling om te dienen.